Mike van Diemen

Dames en heren, geachte aanwezigen,

Vandaag zijn wij hier bijeen om de slachtoffers te herdenken van de oorlog tegen Japan, van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië, van de Bersiap en van de ingrijpende gebeurtenissen die daarop volgden tijdens de dekolonisatie. Wij staan daarbij ook stil bij de capitulatie van Japan, die de bevrijding betekende van het gehele Koninkrijk der Nederlanden. Dat gebeurde vandaag 81 jaar geleden.

Voor de generatie die deze gebeurtenissen zelf heeft meegemaakt, zijn het herinneringen die een leven lang zijn meegegaan. Voor kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen zijn het gevoelens en verhalen die zijn doorgegeven. Verhalen over verlies, angst, moed, veerkracht en de zoektocht naar een nieuw bestaan. Verhalen en gevoelens die niet alleen gaan over wat er gebeurde, maar ook over wat daarna kwam.

De geschiedenis begrijpen vraagt meer dan het kennen van feiten en jaartallen. Begrijpen betekent proberen te zien wat gebeurtenissen betekenden voor de mensen die ze moesten meemaken. Wat oorlog doet met gezinnen. Wat verlies doet met een mens. Wat het betekent om huis en haard achter te laten en opnieuw te moeten beginnen.

Vandaag herdenken wij de slachtoffers van de Japanse bezetting. Mensen die gevangen zaten in kampen. Mensen die werden ingezet voor dwangarbeid. Mensen die honger leden, vernederd werden of hun leven verloren. Maar ook hier geldt dat de geschiedenis niet ophield op 15 augustus 1945. Voor velen begon toen een nieuwe periode van onzekerheid, geweld en ingrijpende keuzes. Velen verloren opnieuw familieleden of zagen zich gedwongen hun vertrouwde omgeving achter te laten.

Dit jaar heeft deze herdenking bovendien een bijzondere betekenis. Vijfenzeventig jaar geleden kwamen de eerste grote groepen Molukse militairen van het Koninklijk Nederlands Indische Leger en hun gezinnen naar Nederland. Mannen die in dienst van het Koninkrijk der Nederlanden hadden gestaan. Gezinnen die vertrokken met de overtuiging dat hun verblijf tijdelijk zou zijn en de belofte dat terugkeer mogelijk zou blijven. Die terugkeer kwam er niet. Daarmee begon een geschiedenis van wachten, teleurstelling, aanpassing en het zoeken naar een nieuwe toekomst.

Veel Molukse families kwamen terecht in woonoorden en voormalige interneringskampen. Plaatsen die waren bedoeld als tijdelijk verblijf, maar voor velen jarenlang hun thuis werden. De pijn van het afscheid, de onzekerheid over de toekomst en het gevoel dat beloften niet werden waargemaakt, zijn in veel families van generatie op generatie doorgegeven. Juist daarom verdient ook deze geschiedenis blijvende aandacht en erkenning.

Tegelijkertijd zien wij ook hier een verhaal van veerkracht. Van gemeenschappen die hun cultuur, taal, muziek en tradities levend hielden. Van mensen die zich inzetten voor de Nederlandse samenleving zonder hun afkomst en geschiedenis te vergeten.

Die geschiedenis staat niet los van die van Indische Nederlanders. Ook zij werden geraakt door oorlog, bezetting, de Bersiap, de dekolonisatie en het gedwongen vertrek uit het land dat voor velen hun thuis was. Ook zij kwamen in Nederland terecht, waar begrip voor hun ervaringen niet vanzelfsprekend was. Ook zij moesten een nieuw bestaan opbouwen.

De geschiedenis van Indische Nederlanders en Molukse Nederlanders is niet dezelfde. En juist daarom is het belangrijk beide verhalen te blijven vertellen. Niet om verschillen groter te maken, maar om recht te doen aan ieders geschiedenis. Want beide gemeenschappen laten zien hoe lang oorlog doorwerkt. Niet alleen in de levens van degenen die haar meemaakten, maar ook in die van hun kinderen en kleinkinderen.

Dames en heren,

De geschiedenis begrijpen vraagt dat wij ruimte maken voor verschillende ervaringen. Dat wij luisteren naar verhalen die soms ingewikkeld zijn. Dat wij erkennen dat mensen dezelfde historische periode op verschillende manieren hebben beleefd. Herdenken is niet bedoeld om verschillen uit te wissen. Het is bedoeld om elkaar beter te begrijpen. Want begrip begint met luisteren. En misschien is dat wel de eerste stap van herdenken naar verbinden.

Dat is misschien wel de belangrijkste opdracht die wij kunnen meegeven aan volgende generaties. Dat zij blijven vragen. Blijven luisteren. Blijven leren. Niet alleen over wat er is gebeurd, maar ook over wat die gebeurtenissen met mensen deden.

Dames en heren,

De Melati die velen vandaag dragen staat voor respect, herinnering en verbondenheid. Zij herinnert ons aan degenen die wij verloren. Aan degenen die hun leven opnieuw moesten opbouwen. En aan de verantwoordelijkheid die wij hebben om hun verhalen levend te houden.

Laten wij daarom blijven herdenken. Niet alleen om het verleden te bewaren. Maar om de geschiedenis beter te begrijpen. En om, juist vanuit dat begrip, de verbinding met elkaar te blijven zoeken.

Dank u wel.